De derde langharige Setter variëteit is die van Engeland en draagt ook fier de naam Engelse Setter. Wanneer we de foto's van de Engelse Setters bekijken, dan valt ons direct het verschil in type op met de huidige showhonden. Maar diegenen onder ons, die wel eens de fieldtrials in bijv. België (Waterloo) en Frankrijk hebben bezocht — of in Scandinavië — zullen opmerken dat de fieldtrialhonden aldaar veel overeenkomst vertonen met de hier afgebeelde exemplaren. Dit is begrijpelijk, daar de Engelse Setters uit die tijd (1880) geheel werden gefokt voor het werk; de shows kwamen op de laatste plaats.
Foto 9: "Kara", Laverack à Mr. Pranianikoff, Prix d'honneur ex-aequo. Classe 59, Exposition des Tuileries 1882.
De meeste opnamen zijn gemaakt van de honden van de heer Laverack, (foto's 9 en 10) Niet zo verwonderlijk, daar de heer Laverack wel de promotor van dit ras genoemd mag worden. In het jaar 1825 kocht hij twee honden van de Rev. A. Harrison n.l. Old Moll en Ponto. Hoewel hij niet de man van het eerste uur kan worden genoemd, heeft hij toch een geweldige bijdrage geleverd aan de opbouw van dit fraaie ras. Het is bekend, dat in 1655 een zekere heer Gervase Markham reeds over deze honden schreef in "The Art of Fowling". Dat het werk van Laverack werd gewaardeerd blijkt wel uit het feit, dat na zijn dood in 1877 zijn vrienden uit Engeland en Amerika zorgden voor een gedenksteen in de kerk van Ash Parva met de inskriptie "Door zijn grote liefde voor kleinere dieren maakte hij veel vrienden". Hij was een echte hondenliefhebber en door zorgvuldige selektie fokte hij de Engelse Setter, waarvan de besten nu nog zijn naam dragen. Doordat er later uit de nesten roden en zwarten te voorschijn kwamen doet het vermoeden rijzen, dat hij ook gebruik heeft gemaakt van een Ierse Setter. Maar door sterke inteelt en scherpe selektie ontstond de fraaie hond met de geweldige neus en jachtaanleg.
Wanneer we nu deze honden met de huidige show honden vergelijken, dan valt ons in de eerste plaats op, dat de huidige Engelse Setters meer adel vertonen. Ze hebben een langere hals, betere hoekingen in voor- en achterhand. Het hoofd is markanter, het heeft meer stop en lip en de uitdrukking is over het algemeen iets vriendelijker. Maar ik moet toegeven, dat foto 11 van "Rival" bijvoorbeeld al heel wat betere eigenschappen laat zien, maar dit is een Frans gefokte hond van Baron van Loo, welke genetisch waarschijnlijk anders is opgebouwd. Ook de beharing van onze huidige honden is rijker en langer van struktuur, maar dit is ook weer begrijpelijk, want een langharige jachthond, waarmee gewerkt wordt en vooral op de heide.
Foto 11: "Rival" à M. le Baron Van Loo. 1er Prix Classe 32. Exposition Canine des Tuileries 1881.
Foto 12: "Banjo", par Young Bang à M. le Baron Van Loo 2me Prix. Classe 18. Exposition des Tuileries.