De Engelse Setter: Geschiedenis, Kenmerken en Eigenschappen

Dit artikel uit De Hondenwereld (april 1978) biedt een uitgebreide blik op de Engelse Setter. Auteur Ploon de Raad neemt je mee in de oorsprong van dit karakteristieke ras van de vroege "Setting Spaniels" in de 16e eeuw tot de invloedrijke fokkers Edward Laverack en Purcell Llewellin.

De Engelse Setter

John Caius schreef in het eerste boek over honden, dat uitkwam in 1570, reeds over de Setter. Tussen de 16de en 19de eeuw hadden veel adellijke familie's in Engeland een eigen stam Setters die men ook onderling kruiste. Het was uiteindelijk Edward Laverack die in 1825 met deze kruisingen begon te fokken en het bloeitijdperk van de Engelse Setter inzette. 

Engels op z'n Amerikaans

Het vervolg op de twee voorgaande artikelen over de Engelse Setter kan eigenlijk niet anders bestaan dan uit een nadere kennismaking met de Fairray fokproducten van Hans Sleegers. Hij wordt beschouwd als de tweede pionier van de Engelse Setter in Nederland.

De verschillende typen bij de Engelse Setter.

De in Nederland aanwezige Engelse Setters kun je globaal in drie type onderverdelen; het werk- of jachttype, het Amerikaanse type en het Engelse type. Voor het ontstaan hiervan moeten we terug naar de beginperiode van het ras. In 1825 kocht Edward Laverack van Reverend Harrison de reu Ponto en de teef Old Moll.

Het tijdschrift De Hondenwereld is in 2018 gestopt. Het laatste nummer verscheen in december van dat jaar.

Het maandblad werd opgericht in 1946 en heeft ruim 70 jaar bestaan. De overstap van lezers en adverteerders naar digitale media en de daarmee samenhangende teruglopende oplages waren voor de uitgever de voornaamste redenen om de publicatie stop te zetten.