Henri Adrieën van Bylandt komt uit een van de oudste adellijke families uit Nederland/Duitsland, vandaar het voorvoegsel Graaf. Hij woonde in 's-Gravenhage en had een groot landgoed in de nabijheid van Brussel, waar ook zijn kennel gevestigd was waar uitsluitend jachthonden werden gehouden. Omdat hij uit een zeer welgestelde familie stamde, kon hij zijn hele leven wijden aan de hondensport. Toen op 28 mei 1872 de eerste hondententoonstelling werd gehouden in sociëteit "Harmonie" in Rotterdam, was er geen sprake van een georganiseerde kynologie.

Integendeel, deze tentoonstelling werd georganiseerd door de Hollandse Maatschappij van Landbouw afdeling Rotterdam.

Twee jaar later werd een soortgelijke tentoonstelling gehouden in het Paleis van Volksvlijt te Amsterdam en op die show werd het idee geopperd om een kynologische vereniging op te richten. Op 27 mei 1874 werd de Koninklijke Jachtvereniging "Nimrod" opgericht. In het eerste bestuur nam ook de Graaf van Bylandt zitting. Maar omdat Nimrod eigenlijk alleen belangstelling had voor jachthonden, werd in 1890 de Vereniging van Liefhebbers en Fokkers van Rashonden opgericht met als voorzitter A.H. Graaf van Bylandt, die tevens de geldschieter was. In hetzelfde jaar werd de naam gewijzigd in "Cynophilia".

Begrijp het goed, aan de wieg van de huidige hondensport bestond er niets, ook geen rasstandaard, niets. De keuringen waren afhankelijk van wat de keurmeester dacht van de kwaliteit van de hond. In 1875 werd er onder aanvoering van de Graaf van Bylandt een commissie opgericht met als doel het samenstellen van een Nederlands Keuringsboek voor honden, dat op 11 juni 1876 werd gepresenteerd.

Het onderstaande artikel is de Rasbeschrijving uit dat boek. In 1897 bracht de Graaf van Bylandt het boek Les races de chiens uit met hierin de raspunten van alle, in die tijd, bekende rassen in 4 talen voorzien van afbeeldingen, waarbij hij bij iedere taal andere afbeeldingen gebruikte. In totaal bevatten de twee delen 1590 pagina's. Omdat er veel exemplaren zijn gedrukt, zijn de boeken nog redelijk gemakkelijk te verkrijgen voor een schappelijke prijs.

Tekst inleiding: Boy de Bok